Plantijn, Rubens én ... Ruckers-Couchet

Tussen 1560 en 1660 was Antwerpen de onbetwiste wereldhoofdstad van de klavecimbelbouw. Elk jaar verlieten honderden klavecimbels en virginalen de Antwerpse ateliers. Tijdgenoten roemden de Antwerpse instrumenten om de klankrijkdom en betrouwbaarheid. Vooral de leden van de familie Ruckers-Couchet stonden bekend om hun instrumenten van uitzonderlijke kwaliteit. De klavecimbels en virginalen vonden niet alleen in Antwerpen gretige kopers, maar in heel Europa en zelfs ver daarbuiten.

Na 1660 daalde het aantal klavecimbels dat de Antwerpse ateliers verliet, maar bouwers als Joris Britsen, Joannes Daniel Dulcken, Joannes Petrus Bull of Jacobus Van den Elsche zetten de tradities van de familie Ruckers-Couchet verder tot op het einde van de 18de eeuw. Doorheen Europa bleven de adel, vorstenhuizen en musici Antwerpse instrumenten verzamelen en prijzen.

Dankzij de populariteit van Oude Meesters als Jan Brueghel, Johannes Vermeer, Jan Steen, Frans van Mieris of Pieter de Hooch is de kans erg groot dat we ooit op een tentoonstelling of in een kunstboek een schilderij met een Antwerps klavecimbel of virginaal hebben gezien. Veel zeldzamer zijn onze ontmoetingen met de echte klavecimbels en virginalen van de Antwerpse bouwers. Dat maakt het zo bijzonder dat Museum Vleeshuis maar liefst 12 Antwerpse klavecimbels en virginalen bewaart. Twee ervan hebben zelfs de status van Vlaams Topstuk.

Vernieuwers

Bouwers zoals Hans, Joannes en Andreas Ruckers zijn voor de instrumentenbouw wat Christoffel Plantijn voor de boekdrukkunst en Peter Paul Rubens voor de schilderkunst zijn: het waren ondernemende vernieuwers die internationaal de toon zetten en generaties lang navolging kregen. Samen vormen de twaalf instrumenten uit de collectie van Museum Vleeshuis een staalkaart van de artistieke kwaliteiten, het creatieve ondernemerschap en het technische vernuft van twee eeuwen Antwerpse klavierinstrumentenbouwers. 

En toch kent vandaag haast niemand de namen van de Antwerpse klavecimbelbouwers. 
Daar wil Museum Vleeshuis de verandering in brengen. In 2018 zette Museum Vleeshuis onder de titel Antwerpen Klavecimbelstad een project in gang dat meerdere jaren zal duren. Dat project bestaat uit een combinatie van wetenschappelijk onderzoek, samenwerkingen met onderzoekers, bouwers en musici, en een ontsluiting van het erfgoed voor een breed publiek aan de hand van tal van activiteiten.

Het eerste resultaat is het boek Antwerpen Klavecimbelstad (Engelstalige editie: Antwerp City of Harpsichords) dat in juli 2018 bij uitgeverij BAI verscheen.

De instrumenten in de collectie

Daarnaast bewaart Museum Vleeshuis ook nog twee virginaaldeksels.

Schrijf je in op de nieuwsbrief van Museum Vleeshuis